Publicaties
Playing for Success : Kinderen door middel van hun idolen stimuleren
door Eppo Ford
Playing for Success bewijst zich al jarenlang in Engeland. Het onderwijsproject dat gebruik maakt van de uitstraling van professionele voetbalclubs en andere sportorganisaties, krijgt dit jaar ook in Nederland navolging. In Zwolle is een eerste begin gemaakt, ADO Den Haag start in het nieuwe seizoen. Over onderwijs met een wow-factor.
Playing for Success ontstond in 1997 uit
een samenwerking tussen het Engelse
departement van onderwijs, de Engelse
voetbalbond en enkele professionele
voetbalorganisaties. De partijen zochten een
antwoord op de vraag hoe Engelse kinderen
met een achterstand op het gebied van taal,
rekenen en ICT gemotiveerd kunnen worden om
beter te leren. De formule van Playing for
Success werd bedacht. Het is gebouwd op de
volgende peilers: bied de kinderen een
indrukwekkende leeromgeving met inspirerende
coaches en motiveer ze door het inzetten van
hun idolen. Onderwijs met een ‘wow-factor’,
zoals de organisatie het zelf omschrijft. In
het voetbalgekke Engeland sloeg het concept
aan.
Tot de eerste deelnemende betaald
voetbalorganisaties behoren Leeds United,
Leicester City, Manchester City en Newcastle
United, maar al snel volgden andere
professionele sportclubs, ook buiten het
voetbal, zoals rugby- en
cricketverenigingen. In 2008 doen bijna alle
Premier League clubs mee en waren er 159
leercentra die wijkgebonden het project
aanbieden. 210.000 kinderen volgden in het
afgelopen decennium een traject van Playing
for Success.
Ankie Loonen, directeur van Oh. the kids
care company, is initiatiefnemer bij het ADO
Den Haag project van Playing for Success.
Loonen, die een kinderopvang heeft tegenover
het ADO Den Haag Stadion: 'In eerste
instantie zijn we gaan nadenken over wat we
nog meer voor de wijk kunnen betekenen. In
Leidschenveen is er voor de jeugd niet veel
te doen. We dachten, er moet iets leuks
komen na schooltijd, misschien in combinatie
met het bijspijkeren van onderwijs.'
Ze kwam in aanraking met de KPC groep, een
landelijke adviesorganisatie voor onderwijs
en opleiding. 'Die werken heel nauw samen
met basisscholen. Ze onderzoeken nieuwe
leermethoden. Ze hebben ook contacten met
het ministerie van Onderwijs, Cultuur en
Wetenschap; ze weten de weg naar de
subsidies.' KPC was reeds begonnen om bij FC
Zwolle, Vitesse en PSV Nederlandse projecten
van Playing for Success op te starten. Het
was een logisch vervolg dat de partijen het
project aanboden aan ADO Den Haag.
Motiverende omgeving
Arne Meerman, accountmanager sales bij ADO
Den Haag, maakte in seizoen 2007/2008 de
overstap van Vitesse naar de residentieclub.
In zijn vorige functie bij Vitesse had hij
in Engeland kennis gemaakt met Playing for
Success. Hij was daar onder de indruk
geraakt. Meerman: 'De kracht van het project
is dat je kinderen uit de schoolbanken trekt
en ze in een motiverende omgeving zet,
waarbij je gebruik maakt van de modernste
multimedia. In rekenen en taal kun je alles
terugkoppelen naar een voetbalclub.'
Hij geeft een voorbeeld: 'Je gaat met je
vader naar het voetbal. Hier is de
prijslijst. Hoeveel ben je kwijt als je
kaartjes koopt? Maar het gaat veel verder,
van het uitrekenen van een begroting van een
BVO, tot de kosten berekenen voor
programmaboekjes, en het schrijven van
persberichten. Je kan de kinderen op een
leuke manier interesseren.'
De ervaring in Engeland leert dat een
naschoolse cursus van tien weken in een
stadion, geholpen door de aanwezigheid van
trainers, spelers en andere clubmedewerkers,
niet alleen helpt om een aantal vaardigheden
te versterken, maar ook zorgt dat het
zelfvertrouwen van de kinderen een enorme
boost krijgt. Loonen, KPC en de openbare
basisschool Prinses Catharina-Amalia die
zich eveneens warm maakt voor het project,
vonden gehoor bij ADO Den Haag.
Meerman: 'We zijn begonnen met praten over
het beschikbaar stellen van een geschikte
ruimte. Dit seizoen hebben we besloten de
persruimte te gebruiken, dat doordeweeks
dienst kan doen als lokaal.' Hierbij slaat
de voetbalclub twee vliegen in één klap.
Want niet alleen verbindt ADO Den Haag zich
aan een bewezen concept met maatschappelijke
uitstraling, ook draagt Playing for Success
doordeweeks bij aan de levendigheid in het
stadion.
Zelfvertrouwen
Dat het opstarten van een dergelijk project
echter niet over één nacht ijs gaat, merkten
Loonen en Meerman toen ze contact zochten
met wethouder Sander Dekker. Na een
behoorlijke periode hadden ze een afspraak.
Maar met resultaat, want de gemeente is
enthousiast en ziet de meerwaarde van
Playing for Success voor het
onderwijsaanbod.
Omdat er nog een traject van sponsorwerving
afgelegd moet worden, onder andere voor de
multimediale leermiddelen die in het
perscentrum komen te staan, wordt er gemikt
op de start van Playing for Success in het
nieuwe seizoen. Loonen: 'We gaan beginnen
met één groep, van 15 leerlingen. Deze
worden door enkele scholen uit de omgeving
geselecteerd. Ze kunnen problemen hebben met
rekenen of taal, of ze hebben bijvoorbeeld
een gebrek aan zelfvertrouwen.'
Als de kinderziektes eruit zijn, willen ze
doorgroeien naar vier keer per jaar vier
groepen, in de leeftijdscategorie van acht
tot twaalf, die één keer in de week een
middag deelnemen. Supporterschap van ADO Den
Haag is geen hard criterium om geselecteerd
te worden. Al hoopt ADO Den Haag natuurlijk
wel dat de kinderen zo onder de indruk raken
van het stadion en de voetballers, dat ze
ADO Den Haag een warm plekje in hun hart
geven.
Meerman: 'Wij denken dat we als voetbalclub
de middelen hebben om de kinderen te
prikkelen. Qua geld levert het ons niets op.
Je investeert in de jeugd, je houdt ze dicht
bij je. De trainer komt langs, de spelers
komen langs. En het is goed voor de
organisatie. Een praatje van de materiaalman
werkt inspirerend, ook voor hemzelf.'
Pioniersrol
Het komende halfjaar gaan Loonen en Meerman
hard aan de slag om het obstakel van de
sponsorwerving te overwinnen. 'We gaan op
zoek naar bedrijven. Ze hoeven niet direct
een link met ADO Den Haag te hebben. In
Engeland hebben ze een landelijk
sponsorbeleid, we gaan kijken of dat met
hulp van KPC mogelijk is.'
Bijzonder van Playing for Success is ook de
samenwerking met de andere betaald voetbal
organisaties. Er is een uitgebreide
kennisuitwisseling met FC Zwolle, PSV en
Vitesse, onder leiding van KPC. Meerman:
'Het is misschien een voordeel dat we wat
later zijn dan FC Zwolle. Dan kunnen we van
hen leren.' De projecten bij PSV en Vitesse
zijn ongeveer in dezelfde fase als het
project bij ADO Den Haag.
KPC is zeer tevreden met de wil van ADO Den
Haag om deel te nemen aan Playing for
Success. KPC-communicatieadviseur Frank van
den Nieuwenhof: 'In Zwolle is het project
sinds een paar weken in bedrijf. PSV, ADO
Den Haag en Vitesse zijn in een vergevorderd
stadium. We hopen dat binnen de kortste
keren zoveel mogelijk betaald voetbalclubs,
overheden, scholen en kindercentra meedoen.'
In Zwolle zijn ze inmiddels gestart met
negen leerlingen. Er is nog een lange weg te
gaan om het Engelse succes te evenaren. Van
den Nieuwenhof: 'Daar doen bijna alle
betaald voetbalclubs mee en is het inmiddels
al veel breder getrokken. Jaap Stam is
betrokken bij het project in Zwolle, Van
Nistelrooy was in Engeland eveneens
behulpzaam.'
Trots
Het ambitieniveau is om binnen twee jaar enkele duizenden kinderen te laten deelnemen. 'Als binnen nu en twee jaar alle Betaald Voetbalorganisaties meedoen, zit je daar aan.' Van den Nieuwenhof, over de rol van ADO Den Haag: 'We zijn ongelooflijk blij dat ADO Den Haag een pioniersrol wil vervullen.' KPC heeft overigens niet alleen een wervende taak, want hoewel de clubs zelf verantwoordelijk zijn voor de cursusstof, toetst KPC de kwaliteit van het aanbod, en meet het de resultaten.Meerman geeft het Engelse initiatief ook in Nederland een grote kans van slagen. Enthousiast: 'De kinderen kunnen een nieuwsbrief maken, ze doen veel met fotoshop en video. Er wordt alles aan gedaan om het zo leuk mogelijk voor ze te maken. ICT is de toekomst. En alles wordt uitgeprint en zichtbaar gemaakt in het centrum. Ze hebben continu de mogelijkheid om zichzelf te presenteren en te tonen hoe trots ze op hun werk zijn.'
Bron: Zaken en Mensen, relatiemagazine ADO Den Haag